13de–14de eeuwen
Na de zaak-Lincoln, achttien Joden opgehangen in Londen omdat zij weigerden de jury te erkennen
1255·Londres
De balans wordt weergegeven zoals de bron die opschrijft — nooit afgerond, nooit bij een andere opgeteld. De balansen overlappen elkaar van de ene gebeurtenis op de andere.
De zaak van het kleine heilige Hugues de Lincoln, een kind dat dood werd aangetroffen in een put en wiens dood aan de Joden van de stad werd toegeschreven, bracht achttien Joden naar de galg in Londen. Zij hadden geweigerd de bevoegdheid te erkennen van een jury die uitsluitend uit christenen bestond, in strijd met het voorrecht dat hun een gemengde jury toekende.
De weigering kostte hun het leven: naar Engels recht stond het weigeren van de jury gelijk aan een bekentenis. Hendrik III had kort daarvoor zijn rechten over de Joden verkocht aan zijn broer Richard de Cornouailles, en de zaak diende om bezittingen te confisqueren die niemand meer toebehoorden. De ballade van het kleine Hugues, eeuwenlang gezongen, droeg de beschuldiging over ver na de verdrijving uit Engeland.
- Periode :
- 13de–14de eeuwen
- Aard :
- Processen en executies
- Regio :
- West-Europa
- Land :
- Royaume-Uni
Matthieu Paris, Chronica majora ; rôles de l'Échiquier des Juifs ; ballades anglaises du petit saint Hugues.